Bij de post ligt
het ledenmagazine RaboContact van de Rabobank. Hierin een interview over Stichting KanjerGuusje. Het magazine valt bij 17 duizend leden op de mat. In
het artikel wordt ook de website van de stichting genoemd:
www.stichtingkanjerguusje.nl. Ik hoop dat straks meer mensen weten dat we vijf
projecten steunen: de KanjerKetting, het Emma Kinderatelier, goed speelgoed
voor kinderziekenhuizen, het mentorprogramma (kinderen met kanker krijgen een
maatje) en de jeugdkampen voor kinderen met kanker en hun broers en zussen.
Alles draait om betere zorg voor kinderen met kanker en hun naasten.
’s Avonds
voorlezen bij Selexyz Gianoten in Tilburg. Ik hoor vaak dat het rustig is op
koopavonden. Veel winkels willen dat ik op zaterdag kom signeren. Dan is het
druk. Het is rustig. Ik vind het prettig om voor te lezen uit mijn boek.
Ontmoetingen en gesprekken met lezers zijn fijn.
Ik heb een gesprek
met een studente van Avans. Vorig jaar gaf ik haar college. Ze is onder de
indruk van het boek. Ze geeft aan het moeilijk te vinden om mensen aan te
spreken die een naaste hebben verloren. Ik kan het me voorstellen. Vroeger vond
ik het ook lastig. Ik bespeurde de afgelopen tien jaar een verandering bij
mezelf. Een collega die zijn zoon had verloren. Een leerlinge die haar vader
moest missen. Ze spraken er gewoon over. Soms met emoties, maar het leek altijd
wel alsof ze het prettig vonden om er over te praten.
Misschien
gebruiken mensen een verkeerde openingszin: hoe gaat het met je? Een standaard
openingsvraag. Ik hoor het vaak. Ik kan niet antwoorden dat het goed met me
gaat. Ik voel me niet prettig. Onze dochter is dood. Ik ervaar emoties die
nieuw voor me zijn. Wat zou je dan wel kunnen zeggen? Vervelend wat je hebt
meegemaakt. Wat erg dat je je dochter zo moet missen. Geen vraag. Een
constatering. Een blijk van medeleven. Een begin van een goed gesprek.
Over twee weken ga
ik op donderdagavond voorlezen in Breda. Tijdens de boekenweek. Ik lijk wel een
echte schrijver. Vandaag vroeg een collega: ‘Wanneer komt je tweede boek?’ Voelde
niet als een vreemde vraag. Zou best een tweede boek willen uitbrengen. Ik heb
er alleen geen tijd voor.
Elke avond een
blogbericht. Zo begon ik elf maanden geleden. Wat een dagboek los kan maken. De
verkoopster van Selexyz Gianotten begeleidt ons na de lezing naar de deur. Ze
zegt: ‘We blijven het boek promoten.’ Ik zeg: ‘Voor het goede doel.’ Ze zegt:
‘Niet alleen voor het goede doel. Ook voor het verhaal.’ Na deze opmerking voel
ik me schrijver.