Donderdag 11 oktober 2012

We staan naast het bed van Guusje en zingen ‘Lang zal ze leven’ voor Loes. Onze jongste dochter ligt in bed. Waarschijnlijk al een tijd op ons te wachten. Daarna gaan we naar het bed van papa en mama. Feliciteren en cadeautjes uitpakken. Loes wordt 9. Ze is ├Ęcht jarig.

Yvonne gaat vroeg de deur uit. Ik werk thuis. Samen met Loes loop ik naar school. Ik draag de traktaties. Als alle kinderen de lokalen binnengaan, loop ik de school in. Aan juf Ilse vraag ik hoe het met Loes gaat en hoe ik vrij voor haar kan vragen voor 30 oktober. We lopen samen naar de directeur. Hij is nieuw op deze school. Hij kent het verhaal van Guusje enkel uit gesprekken.

Voor vrij zijn op 30 oktober vul ik een aanvraagformulier in. De directeur geeft ter plekke toestemming. We raken in gesprek. We praten over het contact tussen ons en de school tijdens Guusjes ziekte en na haar overlijden. Ik geef aan dat het voor ouders van een overleden kind fijn is om te weten of er nog over hun kind gesproken wordt. Yvonne en ik willen graag weten of er wordt stilgestaan bij Guusjes sterfdag en op welke wijze. Rationeel gezien zit Guusje niet meer op school, maar emotioneel voelen wij ons wel verbonden.

Na het gesprek op school loop ik naar de bakker. Ik haal taarten voor de jarige. Daarna snel naar huis. Er moet gewerkt worden. Omdat er niemand thuis is, ga ik met mijn laptop op de bank zitten. Ik vind het een zware dag. Aan de buitenkant straal ik vrolijkheid uit. Voor Loes die vandaag jarig is. Ik kan echter mijn verdriet niet inpakken en even wegstoppen. Het huilt in mij. Als ik aan het einde van de ochtend een berichtje voorbij zie komen dat er weer een jong meisje overleden is aan kanker, komt het verdriet ook even naar buiten.

In de middagpauze loop ik met Loes naar de bakker. Voor een lekker broodje. We lunchen samen. Het is gezellig. Loes is vrolijk. Ze geniet van haar cadeautjes. De rest van de middag ben ik druk aan het werk.

We hebben een traditie. De jarige kiest zijn of haar lievelingsgerecht voor het avondeten. Als ik beneden kom en zie wat er op tafel staat, begin ik te lachen. Anton kan het maar niet geloven. Loes heeft gekozen voor spaghetti. Dit gerecht staat bij Anton in zijn top 3 van vreselijk voedsel. Naast lasagne en macaroni.