Dinsdag 15 mei 2012

Ik lig nog in bed. Ik luister. Het regent pijpestelen. Ik denk aan Anton. Hij is op schoolkamp. De hele dag binnenblijven. Je moet er niet aan denken. Harde regen betekent vaak file. Eerst maar thuiswerken. Later vertrek richting Utrecht.

In de auto telefoongesprekken en radio. Ik verlang naar rust. De CD met muziek van de uitvaart biedt uitkomst. Ik luister er graag naar. In gedachten ons kleine blonde meisje.

Maandag 14 mei 2012

Yvonne stapt uit bed. Ze loopt naar de zoldertrap en roept dat Anton uit bed moet. Zoon Anton is een professionele uitslaper. Toch klinkt zijn stem vanaf de begane grond.
Yvonne: Ga je dan maar aankleden?
Anton: Ben al aangekleed.
Yvonne: Dek de tafel maar.
Anton: Heb ik al gedaan.
Het schoolkamp begint vandaag. Anton heeft er zin in. Hij is dolenthousiast.

Aan het ontbijt zit Janneke naast me. Vandaag haar eerste eindexamen. Ik probeer een gesprek.
Ik: Hoe laat begint je examen?
Janneke: Dat heb je al tien keer gevraagd.
Ik: Oké. Je hebt vandaag Nederlands. En morgen?
Janneke: Dat heb ik ook al tien keer verteld.

Op het schoolplein gaan alle kinderen naar binnen. Groep 8 blijft buiten. Ze maken zich klaar voor vertrek. Drie dagen schoolkamp.



Zondag 13 mei 2012

Yvonne slaapt. Het is Moederdag. Ik baal. Ik ben vergeten een cadeautje te kopen namens Guusje. Waarom heb ik daar niet aan gedacht? Gisteravond kwam er een tweet voorbij. Een papa had namens zijn overleden zoon een cadeau voor mama gekocht. Een mooi gebaar. Een goed idee, maar de winkels waren al gesloten. Daar zat ik dan. Op de bank. Laptop op school. Boos op mezelf.

Yvonne wordt niet wakker. De kinderen ook niet. Het is tijd om op te staan. Ik wek iedereen. Dat valt niet mee. Onze oudste dochters slapen graag een gat in de dag. Even later zitten we allemaal bij mama op bed. Ouders en vijf kinderen.

Toen Guusje overleden was, voelde het de eerste weken alsof ze er nog was. Steeds dacht ik dat ze in bed lag of op school was. Inmiddels voelt het anders. Guusje komt definitief niet meer terug. Toch voelt het incompleet. Zeker nu met z’n allen op bed. Er ontbreekt een stukje in de puzzel. Een eerste Moederdag zonder Guusje.


Hans en Anton geven hun cadeau. Ze hebben samen een fles badschuim gekocht. Het merk is Dove. De merknaam is aanleiding tot grappen over slechthorendheid. Anton was gisteren ijscoman. Bij de bloemenwinkel van onze buurman. De hele dag ijsjes uitdelen. Hij heeft een bloemstuk mogen maken voor zijn mama. Hij glimt van trots.
Daarna Loes. Zij heeft een hart geknutseld. Daarin tegoedbonnen voor klusjes. Een bon voor drie weken hond uitlaten. De andere kinderen liggen in een deuk. Mama laat nooit de hond uit. Dat doen zij.
Janneke en Lisa hebben een cadeau voor Yvonne en mij samen. Twee hoesjes voor onze telefoons. Een afbeelding mama met Guusje. Voor Yvonne. Een afbeelding papa met Guusje. Voor mij. Ik wilde nooit een hoesje om mijn telefoon. Meteen ben ik om. Wat een prachtig cadeau van onze dochters. Ik verwonder me over de afbeelding op het hoesje voor Yvonne. Het is de foto die ik gisteravond op dit blog publiceerde.

Alle kinderen zijn naar beneden. Ik poets mijn tanden. Wat hoor ik in de slaapkamer? Yvonne zit alleen op bed. Er zijn tranen. Ze mist Guusje. Ik pak haar stevig vast. Meer kan ik niet doen. Guusje komt nooit meer terug. Wordt Moederdag geen feest? In elk geval nooit meer wat het ooit is geweest.

Aan het begin van de middag gaan we naar het Pleinfestival. De jaarlijkse braderie in mei. Lise en Charlotte zijn twee studenten. Ze organiseren ‘Ik knip mijn haar voor KanjerGuusje’. Drie kapsters werken vrijwillig. De financiële opbrengst is voor Stichting KanjerGuusje. Het haar, indien lang genoeg, voor Haardonor. Deze organisatie maakt gratis pruiken van gedoneerd haar.








Zaterdag 12 mei 2012

Morgen is het Moederdag. Bij de bloemenwinkel van onze buurman deelt Anton ijsjes uit. We gaan een kijkje nemen. Yvonne en ik kopen bloemstukken voor onze moeders. Anton vermaakt zich als ijscoman.


Vrijdag 11 mei 2012

Een dag vrij. Een dag niks. Dat zou mooi zijn. Beetje lezen. Meer niet. Helaas. Er ligt een stapel post op me te wachten. Een kast die nodig opgeruimd moet worden. Kortom, genoeg te doen.

Gezellig lunchen met de kinderen. Gewoon heerlijk lachen en af en toe aan Guusje denken. De ballonnen aan haar stoel dansen mee.

‘Wat vind je het leukst op school?’
‘De pauze.’

‘Het je een cadeau voor mij gekocht voor Moederdag?’
‘Jawel, hoor.’
‘Iets gekocht?’
‘Nee, gemaakt.’
‘Niets gekocht?’
‘Ik heb iets voor je gemaakt.’
‘Dan maak ik volgende keer voor jouw verjaardag ook enkel een tekening als cadeau.’
Een boos kindergezicht.

Voorbeelden van gesprekken aan tafel tijdens de lunch. Momenten waar ik van geniet.

Donderdag 10 mei 2012

Het regent hard. Toch valt het mee met de drukte richting Utrecht. De nieuwe leaseauto van mijn werkgever Oracle rijdt geweldig. Ik ben geen autofreak, maar van deze nieuwe BMW word ik enthousiast. Het is een automaat. Dat rijdt relaxed. Ik moet wel wennen aan het zogenaamde start-stopsysteem. De auto lijkt steeds uit te vallen bij stilstand, maar dat is schijn.

Een collega geeft me het boek ‘Beter’ van Maarten van der Weijden. Vier jaar geleden werd Maarten olympisch kampioen 10 kilometer openwaterzwemmen. Een buitengewone prestatie. Bij hem werd elf jaar geleden leukemie geconstateerd. Ik heb interviews met Maarten op de radio gehoord. Ik ben onder de indruk van de wijze waarop hij over zijn ziekte spreekt. Hij verzet zich tegen positief denken en tegen het idee van vechten tegen kanker. Ik ben het met Maarten eens. Guusje heeft zijn gelijk aangetoond. Een dag voor haar overlijden vraagt ze aan Yvonne of we toch nog over een tijdje naar het Harry Potter Pretpark in Florida zouden gaan. Ze blijft positief denken. Ze blijft ook vechten. Haar laatste woorden: ‘Maar dan ga ik dood. Dat wil ik niet. Ik wil blijven leven!’
Beter worden of sterven. Het is geen kwestie van positief denken en vechten. Het is een kwestie van geluk.

Woensdag 9 mei 2012

Tien jaar geleden moest ik bij de huisarts komen voor een goed gesprek. Ik had een hoge bloeddruk, maar weigerde om medicijnen te slikken. Ik ging overstag. Ik slik al jaren dagelijks een pilletje. Mijn bloeddruk is prima. Bleek ook bij het laatste bezoek aan de huisarts. Ik kreeg toen ook een formulier mee. Voor bloedprikken. De huisarts lachtte: ‘En wel op komen dagen. Bloedonderzoek hoort erbij.’

Dagen geleden heb ik besloten vandaag bloed te laten prikken. Daar zie ik tegenop. Best flauw van mij. Tel het aantal kralen aan Guusjes KanjerKetting. Ik moet me schamen. Een klein prikje in een ader. Het stelt niets voor.

Dinsdag 8 mei 2012

Ik rijd naar Brussel. ’s Middags een bijeenkomst met collega’s. Er worden presentaties gehouden. Ik heb spreektijd gevraagd. Onlangs verscheen er een interview met mij in het Nederlandse personeelsblad. Ik wil ook mijn Belgische collega’s vertellen waarom ik terug ben bij Oracle. Het is de combinatie van flexibel werken en de wijze waarop vorig jaar de collega’s van mijn team hebben gereageerd toen Guusje ziek was.

Werken is zakelijk. Anders dan vriendschap. Toch zijn er banen waarbij je meer tijd doorbrengt met collega’s dan met vrienden. Ik denk dat samenwerken beter gaat, als je meer weet van elkaars achtergrond. Daarom kies ik voor openheid.

Maandag 7 mei 2012

Vandaag werk ik in Utrecht. Hoewel ik als motto heb ‘niet blijven hangen in onmogelijkheden, maar kiezen voor je mogelijkheden’, blijf ik chagrijnig. Ik kan me er niet toe zetten om mijn gemoedstoestand te veranderen. Op de heenweg naar kantoor zet ik de radio uit. Geen zin in muziek of gepraat.

Mijn gedachten gaan een jaar terug. Het gesprek met verpleegkundige Marinka. Zij hield mij een spiegel voor. Ik zat in de put. Diep. Guusje zou nooit meer beter worden. Misschien wel doodgaan. Marinka vroeg: ‘Als Guusje overlijdt, zijn dan de afgelopen tien jaar voor niets geweest?’ Die vraag kan nooit met ‘ja’ worden beantwoord. Marinka liet mij anders denken.

Zondag 6 mei 2012

Ik loop door de bossen. Samen met Balou. Denk na. Wat ga ik vanmiddag zeggen? Wat wordt mijn boodschap? Ik ga spreken bij de Karpendonkse Hoeve. Een inzamelingsevenement voor Alpe d’HuZes. Thuis ga ik aan mijn bureau zitten. Ik wil een koppeling leggen tussen fietsers en kanjers. Terwijl ik schrijf, voel ik dat de tranen hoog zitten. Mijn gedachten zijn weer bij 5 mei 2011. De dag van de grote operatie bij Guusje. De gebeurtenissen van die dag zitten diep in mij. Dieper dan ik dacht.

Zaterdag 5 mei 2012

Ik kijk uit het raam. Het is droog. Gelukkig. Vandaag Festival Loyaal voor KanjerGuusje. 
Bij het opstaan denk ik aan Guusje. Mensen vragen wel eens of  er verschillen zijn tussen blog en boek. Die zijn er best veel. Bijvoorbeeld het blogbericht van 5 mei. Ik heb toen geschreven. Met tegenzin. Alleen maar om te informeren hoe het met Guusje was. Ik herinner me van 5 mei veel details. Daarom heb ik later die dag beter kunnen beschrijven in mijn boek. Een dag met grote emoties.



Vrijdag 4 mei 2012

Rustig opstaan en aan het werk. Vandaag thuis. Tussendoor even boeken brengen naar Bruna Kaatsheuvel. Ondernemer Frank wil volgende week een cheque overhandigen. Gebaseerd op de verkopen van de eerste druk in zijn winkel. Hoeveel? Dat wil hij nog niet zeggen. Hij lacht. Het is meer dan hij vooraf had ingeschat. Ik ben benieuwd hoeveel boeken hij nog gaat verkopen van de tweede druk.

Rond lunchtijd gaat de telefoon. Het is Janet. Zij verzorgde de uitvaart van Guusje. De aanvraag bij haar werkgever DELA voor een bijdrage aan Stichting KanjerGuusje is gehonoreerd. Ze zegt het bedrag. Ik vraag haar om het te herhalen. Ik heb het goed gehoord: 4000 euro. Dat is een jaar materialen voor het Emma Kinderatelier. Prachtig.

Donderdag 3 mei 2012

Vandaag werk ik in Utrecht. Het is rustig op de weg. Veel mensen hebben vakantie. Op kantoor laat ik trots de tweede druk van KanjerGuusje zien. Ik wil op tijd weer thuis zijn, maar op de terugweg kom ik helaas in de file terecht. Ik bel met verpleegkundige Marij. Aan haar reikte ik in december het eerste exemplaar uit van KanjerGuusje. Door mensen als Marij heb ik leren zien hoe belangrijk de rol van een verpleegkundige kan zijn. Dat gebeurt niet vanzelf. Daar moet je als verpleegkundige wel wat voor doen. Meer dan enkel medicijnen toedienen en verschonen.

Vandaag denk ik ook aan vorig jaar. Twee dagen voor de grote operatie. Het gesprek met de psycholoog. Hoe ga je om met zoveel onzekerheid in je hoofd? Ik leerde om niet te piekeren over zaken die ik toch niet kan beïnvloeden. Ook daarvoor geldt: geen makkelijke opgave. Je moet er wel wat voor doen. Het gaat niet vanzelf. Keihard tegen jezelf ‘STOP’ roepen, als je in je piekergedrag te ver doorschiet.

Woensdag 2 mei 2012

Het is rustig in huis. De kinderen hebben vakantie. Als ze ergens goed in zijn, dan is het uitslapen. Ook Yvonne is er goed in. Wanneer de wekker is gegaan, moet ik uitkijken om niet opnieuw in slaap te vallen. Ik heb een afspraak bij een klant. In de auto voer ik telefoongesprekken. Niet alleen over het werk. Zo word ik vandaag gebeld door een studente. Ze is bezig met afstuderen en wil me enkele vragen stellen. Het gebeurt vaker: boekbesprekingen, spreekbeurten en afstudeerprojecten die betrekking hebben op kinderen met kanker en KanjerGuusje in het bijzonder. Ik krijg ook een bericht van drukkerij Wilco. De tweede druk is klaar.

Voorheen werd ik alleen als auteur op de hoogte gebracht. Vandaag ook als uitgever. De eerste druk is op de markt gebracht door Uitgeverij DoDo. Zij namen het risico. Een boek uitbrengen van een debuterend auteur. Daarvoor ben ik dankbaar. De tweede druk breng ik in eigen beheer uit. Ik heb hiervoor Uitgeverij Pollux opgericht. Twee weken geleden ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. Ik hoop dat er weer veel KanjerGuusjes over de toonbank gaan. Vanaf nu gaat er 5 euro per verkocht exemplaar naar Stichting KanjerGuusje.



Dinsdag 1 mei 2012

Het is lunchtijd. Broodjes eten met collega’s. Daarna een bijeenkomst. Ik luister geboeid naar de presentatie. Tussendoor kijk ik op mijn telefoon. Ik zie een verontrustend bericht. Bibi is overleden. Ik schrik. Haar broer overleed twee jaar geleden aan kanker. Twee kinderen in hetzelfde gezin. Beiden een neuroblastoom. Een vorm van kinderkanker.